Alfred Birney

Zelfs tekstverwerkersproza is al verouderd

Gepubliceerd (Geüpdatet: ) in Blog.

Collega Frans Lopulalan waardeert mijn verhalen in Archipel Magazine, maar stelde me herhaaldelijk voor mijn proza door hem te laten redigeren. Ik vergat het steeds, ik vond het ook wel overbodig, totdat het laatste nummer van het blad verscheen. Ik vond mijn verhaal nogal slordig en herinnerde me het aanbod van mijn waarde collega. Gisteravond stuurde ik hem een gloednieuw verhaal. Kon ie waarderen. Maar ik kreeg het terug met een zooi redactioneel commentaar dat me even met de ogen deed knipperen. Nou had ik al drie proeflezers, maar die kijken meer inhoudelijk. Frans Lopulalan kan me werkelijk behoeden voor het produceren van slechte zinnen. Het voelt wel lekker, zo’n vriend, die je rotzooi even opruimt. Vandaag kreeg ik van hem een verhaal, dat ik op mijn beurt mag becommentariëren. Verbazingwekkend hoe hij als uitstekend redacteur zinnen kan produceren die me soms de wenkbrauwen doen fronsen. Uiteraard schuilt ook in mij een goede redacteur. Het is altijd makkelijker andermans werk te kritiseren. Wij maken dus gebruik van dat gemak, al is het maar om de strijd aan te gaan met wat ik kwaliteitsverlies zou willen noemen. Sinds de introductie van tekstverwerkers is men sneller gaan schrijven. Bij het Fonds voor de Letteren sprak men al snel over “tekstverwerkersproza”. Die term heeft het niet lang uitgehouden. Nu de hele wereld massaal blogt is het moeilijk zoeken in de stortvloed aan informatie die zonder papieren tussenversies het internet op wordt gekwakt. Een tekst laat zich pas goed beoordelen op papier. In de tijd van de schrijfmachine had ik drie versies nodig. Het zijn er nu vijf geworden, er zitten namelijk schermversies bij. Enfin, dat was ik even vergeten bij het schrijven van mijn vorige verhaal voor Archipel Magazine. Wat een ramp dat de tegenwoordige uitgevers werkstudenten loslaten op literair werk dat in productie gaat. De echte goede redacteuren en correctoren zijn er natuurlijk nog wel, maar worden allengs wegbezuinigd. Of ze worden gewoonweg niet opgemerkt dan wel in het geheel niet gewaardeerd. Waarmee het dédain voor de gemiddelde lezer wel pijnlijk aan het daglicht komt. Men wil geen lezers, men wil betalende klanten.