VOC-viering (1)

Nog twee nachtjes slapen en dan barst het VOC-feest los. Op 20 maart is het 400 jaar geleden dat die boevenclub werd opgericht. De reden van de viering moet gezocht worden in de ijdele wens van Nederland om mondiaal als de eerste multinational te worden beschouwd. Indonesië is niet blij met het feest, want de Hollanders en Zeeuwen hebben er indertijd flink huisgehouden. Overbekend is het uitmoorden en ontvolken van de Banda-eilanden op gezag van Jan Pieterszoon Coen, die het niet kon verkroppen dat de Bandanezen zich niet aan de handelswetten van de ‘Kompenie’ wilden houden. Terwijl men hier in de Ridderzaal de oprichting van de VOC zal ‘herdenken’, zal in Jakarta worden gedemonstreerd tegen de ‘glorifikasi’ van de VOC door een uit vele organisaties samengesteld comité. Bij de Nederlandse ambassade zullen drie eisen worden gedeponeerd: 1. Excuses aan het Indonesische volk wegens schending van de mensenrechten; 2. Kwijtschelding van alle schuld van de Republiek Indonesia aan Nederland; 3. Compensatie voor de rijkdommen die Nederland eeuwenlang ten koste van Indonesië heeft verworven. Tja, noem het een symbolische eis. Helemaal achterlijk zijn ze hier ook weer niet, gezien het feit dat na herhaaldelijke protesten uit Indische en Molukse hoek het woordje ‘viering’ is veranderd in ‘herdenking’. Te laat voor de Indonesische ambassadeur. Hij heeft ervoor bedankt bij een kranslegging aanwezig te zijn. Een stelliger afwijzing is nauwelijks denkbaar. Nederlanders zijn daar toevallig ongevoelig voor. Smakeloze rijsttafels worden ook wel genuttigd.

Haagsche Courant, maandag 18 maart 2002