De tolk van Java live

Een moving cover van de dubbel bekroonde bestseller, de roman De tolk van Java (meer dan 120.000 exemplaren verkocht). Mijn uitgever had hem laten maken voor op Facebook, de online speeltuin die ik na een jaar of tien verlaten heb. Het boek zit in de 16e druk, in midprice paperbackvorm, en verkoopt nog altijd goed ondanks de corona-crisis, gesloten boekhandels, lege podia, literaire cafés en zo meer.

De tolk van Java in aanbiedingsfolder

de tolk van java in aanbiedingsfolderDe vorige week woonde ik een vergadering bij van mijn uitgever en redacteur met een peloton pr-mensen. Ik was de laatste Nederlandstalige schrijver die arriveerde, op één na waren de anderen al vertrokken. Ik had me goed voorbereid, althans: dat dacht ik. Maar tijdens het etentje achteraf liet mijn uitgever me weten dat ik in het begin te veel uitwijdde. Daarom had hij ingegrepen en me met een enkele vraag op het juiste spoor gezet. Wat dat juiste spoor dan wel niet is in deze moderne tijden? Nou, ik moet snel en helder de inhoud van mijn roman uiteen kunnen zetten. Mijn redacteur zei vergoelijkend dat het ook niet bepaald gemakkelijk is om zo’n gelaagde roman, geschreven in verschillende stijlen, eventjes na te vertellen.

Maar het was een zeer leerzaam onderhoud met die pr-mensen, die immers je boek moeten verkopen. Ik ben nu dan ook aan het oefenen hoe ik binnen één minuut mijn roman kan samenvatten, zonder het dikke boek geweld aan te doen. Eerlijk gezegd is het wel een leuke oefening. Ik begon met vijf minuten en zit nu ergens aan de drie minuten. Zodra ik De tolk van Java in één minuut kan samenvatten, slinger ik het op dit blog. Voor wie nieuwsgierig is naar wat er de bladzijden in de aanbiedingsfolder staat, ga naar deze pagina op de website van Uitgeverij De Geus.

Work in progress (roman)

manuscript tolk van java

Dit is een snapshot met een iPhone 4 van de eerste versie van mijn aanstaande roman, vers uitgeprint op 460 A4’tjes 70 grams papier, lettertype Times New Roman, regelafstand 1,5 – om kort te gaan: 195.974 woorden. Dat is een pak papier goed voor een paperback van 600 – 700 bladzijden. Zo’n dikke pil schreef ik nooit eerder.

Mijn dikste boek tot nu toe was Het verloren lied, een roman van ongeveer 80.000 woorden, goed voor een paperback van 320 bladzijden. Mijn dunste boek is de novelle Rivier de Lossie, in manuscript 21.501 woorden. Afgerond is mijn dunste boek dus 20.000 woorden lang en dit manuscript, dat ik hier op schoot heb, bijna tienmaal dikker met zo’n 200.000 woorden.

In een dun boek moet elke bladzijde goed zijn, je hebt eenvoudig geen tijd om een aantal zwakke bladzijden goed te maken. Met een dik boek heb je meer speling, je kunt jezelf wel wat minder sterk geschreven bladzijden veroorloven. Dat weet elke schrijver. Maar dan moet het wel een boek zijn met een sterk verhaal, anders smijten de lezers het in de hoek. Ik streef ernaar waar mogelijk flink te schrappen.

Ik schrijf mijn boeken meestal in drie versies. Met deze eerste versie op schoot ga ik het proberen te lezen zoals een lezer dat doet, dus zonder potlood erbij. Dat is al een hele kunst: net doen alsof je alles voor het eerst leest. Fouten laat ik staan, ik kijk alleen naar de voortgang van het verhaal. Aantekeningen maak ik niet. De compositie is goed, denk ik. Ik onthoud vanzelf wel waar het boek eventueel inzakt. Dit zijn spannende dagen voor me.

Ik zou niet weten hoelang ik precies aan dit enorme boek heb gewerkt. Er staan herschreven stukken in van twaalf jaar terug, een interview met mijn moeder en informatie uit de memoires van mijn vader gaan zelfs terug tot 1985. Ik ben aan dit manuscript begonnen direct na de publicatie van mijn essay De dubieuzen in 2012. Hier ligt dus het resultaat van twee jaar hard en intensief ‘s nachts in afzondering werken. Ik zou die twee jaren niet graag overdoen…

Later meer over de voortgang, en de inhoud, van dit boek, dat waarschijnlijk De tolk van Java gaat heten.