Chinees gezegde

Wanneer je de diepte van de rivier wilt meten, doe dat dan nooit met twee voeten tegelijk.

Nasi goreng voor verstorven geld

alfred birney Er slingert nog zo’n 2,5 miljard gulden rond sinds de invoering van de euro. Het gaat om ruwweg 600 miljoen euro aan bankbiljetten en 500 miljoen aan muntgeld. De Nederlandsche Bank schat dat 130 miljoen gulden zeker niet terug zal komen. Dat noemt met ‘versterf’ en dit ranzige woordje betekent winst voor de centrale bank en dus voor de overheid. Waar al die poen nou ligt mag Joost weten. Een woordvoerder van De Nederlandsche Bank komt weinig verder dan wat u en ik zelf wel kunnen verzinnen: “Dat geld is dan verbrand, kwijtgeraakt, in de wasmachine beland, zit in de oude sok, er zijn boekenleggers van gemaakt of misschien zit er ook wel zwart geld bij.”

Hoe vindt u die laatste zinsnede? “Misschien zit er ook wel zwart geld bij.” Misschien… Ha ha! Maar goed, geen nood hoor: u kunt uw muntstukken nog tot 2007 aanbieden en uw papiergeld tot 2032. Hoe u dat moet doen, zou ik niet weten. Wist u al eerder niet hoe u uw geld wit moest wassen, dan zal u dat nu nog niet weten. Verhef uw zwarte geld anders tot kunst, in de geest van Andy Warhol! Dat geeft het wat kleur, als label rond tubes mayo of zo, in vitrines bij hippe galeries.

Ik vond laatst nog een paar bankbiljetten uit de jaren dertig en veertig in mijn bureaulade, afkomstig uit het voormalige Nederlands-Indië, waar men een ‘eigen gulden’ had. Fantasieloze flappen met de kop van Jan Pieterszoon Coen of Koningin Wilhelmina erop. Er zat ook een fraai exemplaar bij van 2,5 gulden, gedrukt door de Javasche Bank. Dus niet de Javaansche Bank. De kop van een Javaanse vorst erop. Of van een wajangfiguur? Ben ik nu al vergeten! Enfin, de achterzijde drietalig bedrukt in het Nederlands, Chinees en Javaans. Of Nederlands-Indië nou multicultureel en multiraciaal dan wel multi-etnisch en multireligieus was, dat laat ik aan onze dweilen van geschiedschrijvers, in elk geval was er voldoende rames voor apartheid.

De eigenaar van het Indonesische Eethuisje Mirasa aan de Reinkenstraat verzamelt bankbiljetten. Ze hangen achter glas aan de muur en liggen onder de glazen toonbank. Er zitten veel biljetten uit Indonesië bij natuurlijk, maar ook Irak en Bulgarije zijn vertegenwoordigd, om enkele landen te noemen. Ik begrijp weinig van verzamelaars, maar het idee om je muur met geld te behangen, denk ik wel te snappen. Wie zoiets doet, heeft tegelijk iets én niets met geld. Voor zo’n persoon is geld waardevol en waardeloos tegelijk.

Ik gaf de eigenaar van Mirasa mijn oude Indische bankbiljetten. Hij was als een kind zo blij. Ik hoefde mijn nasi goreng niet te betalen. Of heb ik die juist betaald met dat geld van zestig, zeventig jaar terug? Wie weet hangen over een halve eeuw onze patatkramen wel vol met bankbiljetten van bijen, snippen, vuurtorens en wat al niet meer het besef van de vergankelijkheid in ons zal oproepen.

Haagsche Courant, vrijdag 11 februari 2005

SARS en de Marathon

alfred birney Terwijl neokoloniale High-Tech-cowboys naar biologische wapens zoeken in Irak, vinden ze per ongeluk olie. Gut, hadden ze toevallig net nodig in Amerika, dat in zijn eentje een kwart van de grondstoffen op aarde verbruikt om de hamburgerdemocratie te kunnen vetmesten. En terwijl de oud-koloniale Low-Tech-boeren hier te lande naar besmette kippen zoeken, dekt men zich te Rotterdam in tegen een aanval van Chinese biologische zelfmoordcommando’s.

Hebben die organisatoren van de marathon van Rotterdam hun opleiding in New York gekregen of zo? New war, new paranoia! De uitnodigingen voor de vrouwen Ying-Jie Sun en Jin Li worden bruusk ingetrokken. Deze serieuze kandidates voor de eindzege mogen thuisblijven in dat SARS-land van ze. En anders moeten ze maar in Noord-Korea gaan lopen over de terreinen van verdachte kernreactoren.

‘De overige atleten zouden erg gestresst kunnen raken van Chinezen in het hotel,’ wauwelde de woordvoerder van het organisatiecomité. Wie weet lispelde hij nog off the record dat álle Chinezen thans dubieuze wezens zijn in de straten van Rotterdam. Geef meneer een ministerspost vreemdelingenzaken in een leefbaar kabinet en er komt geen Chinees ons vreedzame SARS-loze landje meer binnen. Het organisatiecomité zou desgevraagd ongetwijfeld de koorzang hebben aangeheven dat ‘onze Chinezen’ zelf ook bang zijn SARS op te lopen. SARS is immers het gesprek van de dag in hun Chinatowns, niet de oorlog in Irak. Chinezen vliegen veel in die Yankee Boeings, begrijpt u, met die ziekmakende airconditioning van niks boven die kleffe hoofdsteunen. Mensen uit Afrikaanse landen doen dat weliswaar ook, maar AIDS is Amerikaans, dus dat zit wel goed, dat is friendly fire.

Wat een kansen we al niet missen. Welke marathonatleet blijft er nou achter een SARS-loper hangen? Weg kans op toptijden van atletes die zich het vuur uit de sloffen lopen om de SARS-lopers voor te blijven en geen bacillen te hoeven snuiven. Weg vrachtvluchten met onze zieke kippen tegen een vriendenprijsje voor die toch al zieke SARS-lijders in China.

Boze tongen fluisteren dat het Severe Acute Respiratory Syndrome is ontstaan door het vrijkomen van chemicaliën bij de fabricage van biologische wapens waarmee de Chinese oorlogsmachine zou experimenteren. Is dat waar, dan kunnen Bush en zijn trawanten China als vijfde poot aan de as van het kwaad toevoegen. Pentagonischer kan niet. Kan nog gezellig worden op aarde.

Alfred Birney / Haagsche Courant, vrijdag 11 april 2003