Alfred Birney

Promotour (2) Bandung

Gepubliceerd (Geüpdatet: ) in Columns.

alfred birney De treinreis van Jakarta naar Bandung duurt vier uur en biedt een niet aflatend schouwspel van sawa’s, desa’s en vulkanen. Collega schrijver FX. Rudy Gunawan laat me niet van het uitzicht genieten, hij wil zijn liefdesproblemen bespreken met een man uit het moderne Westen. Mijn uitgever en zijn kompanen slapen wijselijk. Aardig aan trein- en busreizen is dat kartonnetjes met snacks worden uitgedeeld, met bekertjes mineraalwater. Voedsel is een eerste levensbehoefte en is bij je kaartje inbegrepen. De Indische gastvrijheid in Nederland komt hiervandaan en is helaas nooit overgenomen door de Nederlanders, die voor elk plakje kaas hun kasboek bijhouden.

Bandung is lekker vergeleken met Jakarta, niet zo warm. Er loopt een gekmakende ringweg door de stad, een soort asphalt prison die elke automobilist uitnodigt tot levensgevaarlijke capriolen. We laten onze chauffeur stoppen bij een Hoka Hoka Bento, de Japanse pendant van MacDonald’s, en eten in tien minuten onze fastfood weg met stokjes. In Teater Arena wachten theaterstudenten mij op. De discussie over mijn boek vindt plaats op matten onder een grote galerij. In de verte hoor ik studenten oefenen op Soendanese drums. De lezing duurt drie uur, boeken signeren anderhalf uur, we moeten ons haasten voor de nachtbus naar Semarang. Ik vraag de gehoofddoekte tolk naast me waar ze zo goed Nederlands heeft leren spreken. Ze zegt: ‘Mijn ouders zijn thuis altijd Nederlands blijven spreken…’ Zo zie je maar: aanpassen is relatief. Een maniertje. Het leven een maskerade.

Haagsche Courant, woensdag 13 november 2002