Internet als vijand van fictie

In het pré-internettijdperk was de leescultuur een oase waarin fictie kon gedijen zonder door non-fictie gebeten te worden. Verzonnen verhalen stonden model voor het leven van de mens. Thema’s herhaalden zich voortdurend. Een boek werd gedragen door de stijl van de schrijver. Non-fictie werd vaak opgediend in de vorm van essays. Thans worden essays met uiterste omzichtigheid uitgegeven. Veel uitgevers wagen zich er niet eens meer aan. Non-fictie heerst. Bekende Nederlanders krabbelen hun ervaringen haastig neer en zien hun boeken aangeprezen worden door ongeletterde presentatoren. Ik heb de opkomst van het weblog hand in hand zien samengaan met de toename van het aantal non-fictie boeken. Een bekende Nederlandse schrijver, Arnon Grunberg, verwees eens in een boek naar een weblog dat werd bijgehouden door een vrouwelijke romanfiguur. Toen zijn lezers erachter kwamen dat het weblog een verzinsel was van de schrijver zelf, voelden ze zich bedrogen. Het weblog was namelijk niet echt, het was fictie. Ik vroeg me af of er wel plaats is voor fictie op het internet. Ik blogde regelmatig onder de categorie van een verzonnen figuur, en ja: soms kreeg ik een mail van iemand die zich in iemand herkende en daar niet bijster vrolijk van werd. Had ik het in een boek gepubliceerd, dan was het om zo te zeggen een ander verhaal geweest. Hetzelfde verhaal, maar dan in papiervorm, in paperbackuitvoering met een omslag. Wezenlijk is er geen verschil. Het is de leeservaring. Die wordt gehinderd als je tegen het licht van een beeldscherm in kijkt.

Gepubliceerd op
Gecategoriseerd als Blog