Bevrijdingsfeest anno 2004

alfred birney Mijn Nederlandse moeder vierde de 5e mei, de Duitse capitulatie in Nederland, en mijn Indische vader herdacht de 15e augustus, de Japanse capitulatie in Nederlands-Indië. Wij, de kinderen, dienden te herdenken wat zij herdachten. En hoe. Ernstige smoelen trekken bij het luiden van afschuwelijke klokken. Maar de tijd is een zegen: de dingen krijgen een ander gezicht. Ik hoor ergens rap-muziek vandaan komen, ga naar buiten en kom op mijn gehoor bij het Koningsplein uit. Op een podium staan jongens van allerlei komaf over hun rauwe leven in Den Haag te rappen. Doen ze in het Nederlands, wow, dat is moeilijk. Ze schieten sigarettenpeuken de straat op, zuipen bier en claimen een redelijk leven in de Schilderswijk, waar ze zijn geboren. Ik hou van rap, het is de redding voor de poëzie. Verderop wordt door Hollanders vrolijk op Afrikaanse trommels geslagen terwijl aikidoka’s van een van de dojo’s uit de omtrek pauzeren met hun jassen over hun Japanse tenues, want het is fris. (Of een Japanse gevechtskunstdemonstratie op de 15e augustus bij het Indisch monument zou kunnen denk ik niet, al zijn de beste aikidoka-leraren uit Den Haag nota bene Indo’s: Peter Bacas en Francisca van Leeuwen.) Ik verlaat het Koningsplein en loop de Weimarstraat in. Op de kruising bij de Surinaamse toko en de Turkse tabaksboer is een breakdance battle op een verhoging aan de gang. Uit twee breakdance-groepen van elk ongeveer zes personen maken zich er steeds twee los om met elkaar een dansgevecht aan te gaan. Ze dansen om beurten op rapmuziek en proberen elkaar met adembenemende acrobatische toeren en mime de loef af te steken. Donkere jongens overheersen licht in aantal. Ik zie geen donkere meisjes, wel blanke. Een lange soepele blanke jongen met Slavische trekken valt mij op. Op zijn shirt staan de letters CCCP. Ik vraag hem of hij Russisch is en hij zegt: ‘Hoe weet je dat?’ Ze noemen hem Daan. Zijn stijl van dansen is zeer communicatief, de mime op zijn gelaat is superieur aan die van de anderen, ik zet mijn kaarten op hem. Een Aziaat demonstreert een groot acrobatisch vermogen, maar speelt soms vals door zijn opponent te storen in zijn dans. Wanneer na een ladies battle een van de Hollandse meisjes tegen een Mediterraanse jongen mag uitkomen, wordt het spannend. Het meisje opent uitdagend, maar fatsoenlijk. De jongen antwoordt met een obscene dansbeweging en wordt door de showmaster vermaand. RESPECT. Dat zegt hij. Dat woord zal als een mantra nog vaak worden uitgesproken door de breakdancers onderling. De breakdance battle eindigt in een strijd tussen Daan en alias ‘Latino’. De jury, die uit de serre op de eerste etage boven de Turkse tabaksboer hangt, laat het tweetal een extra ronde doen. Daan verliest van Latino. Misschien vond de jury die Russische danspasjes tussendoor wel te on-Amerikaans. Ze snappen het niet. Wij zijn toch ook door de Russen bevrijd?

Haagsche Courant, vrijdag 7 mei 2004