Alarm!

alfred birney Loeiende sirenes. Politiewagen, ambulance en brandweerwagen sluiten de straat af voor doorgaand verkeer. Personeel en buurtbewoners verzamelen zich rond een auto. Die staat niet in lichterlaaie. Gaat het om een autobom misschien? Niet direct uitnodigend om er met zijn allen omheen te gaan staan. Omdat men flink bezig is de auto onder handen te nemen, ga ik toch maar een kijkje nemen buiten. Daar wordt het me duidelijk dat het om een ontsnapte slang gaat. Een jongen heeft het dier zien liggen en aanvankelijk gedacht dat hij droomde. Toen hij omkeek zag hij toch echt een slang een wandelingetje maken en dekking zoeken onder de motorkap van een auto. De ambulance is er eentje voor dieren. De dierenarts vangt een glimp van het dier op en geeft haar jongens haar zegen: ze mogen met hun speciale grijptangen de jungle van motoronderdelen gaan uitkammen. Ik vraag de ontdekker naar de vorm van de kop. Driehoekig, dacht hij. Ai, dan is het een gifslang! Het publiek deinst achteruit en begint elkaar enge verhalen te vertellen terwijl de gehandschoende chauffeur van de dierenambulance zwoegend probeert de slang te grijpen. Het lukt hem. Het is maar een doodgewone rattenslang… Teleurstelling op de gezichten van het publiek. Een boa, nee een cobra, nee een ratelslang, nee een zwarte mamba – dát zou pas feest zijn geweest! Nou ja, voor het verhaal achteraf dan. Overigens vermelden de statistieken dat er in Nederland elke dag gemiddeld één slang ontsnapt. Ontsnappen betekent niet dat ze worden gevonden…

Haagsche Courant, maandag 17 juni 2002